Menselijke voorwaarden
Waar te beginnen met het schrijven over dit boek. Ik heb dit boek in eerste instantie ontvangen als luisterboek, maar dat viel wel heel erg tegen. De ‘stem’ las dit boek voor zoals je dat bij anime-films tegen komt, zoals Pokemon. Dat was vervelend, en ik was blij om te merken dat dit boek ook in het Kobo Plus abonnement beschikbaar was. Toen ging het lezen op eens stukken sneller en het verhaal ook duidelijker.
Het centrale punt in dit boek is vooral, ‘kun je je nog beschaafd blijven gedragen in onbeschaafde tijden’. De hoofdpersoon Kaji, een Japanner van ongeveer 20, goed opgeleid, stelt zich deze vraag steeds, eerst als personeelschef bij een groot mijnbouwbedrijf, waar hij ook de verantwoording draagt over zo’n 600 ‘speciale krachten’, een mooie naam voor dwangarbeiders. Ook later in het leger, en tijdens zijn tocht terug naar huis blijft hij zich dat afvragen. Stap voor stap moet hij een laag van zijn menselijkheid af pellen om te overleven.
Samen met zijn vrouw, Michiko, probeert Kaji te oorlog te ontvluchten. Hij krijgt een vrijstelling van dienst áls hij een overplaatsing naar een mijn in Laohuling accepteert. Eenmaal daar komt hij tot de ontdekking dat ook hier de oorlog het leven beheerst. Al vrij snel krijgt hij de leiding over een groep dwangarbeiders. De Militaire Politie dwingt hem om hen goed te bewaken, maar biedt geen steun aan. Kaji probeert de dwangarbeiders een zo menswaardig bestaan te laten leiden, om zo hun vertrouwen te winnen. Gedeeltelijk lukt hem dat, maar toch blijven ze hem zien als een Japanse overheerser zien. Na een paar ontsnappingen dreigt de MP met harde maatregelen. Als dan alsnog 7 dwangarbeiders proberen te ontsnappen, slaan zij keihard toe. De 7 worden ter dood veroordeeld, ondanks Kaji pogingen dit te voorkomen. Na 3 onthoofdingen lukt het Kaji om de 4e en volgende te stappen. Dit heeft echter grote gevolgen voor hem. De Militaire Politie pakt hem op en als straf wordt hij gedwongen het leger in te gaan.
Hier begint dan echt het ontluisterende deel van het boek. Het Japanse leger is hard, keihard voor zijn soldaten. Niet alleen gedurende de trainingen, maar ook daarna. Rekruten worden mishandeld door ouderejaars, geweld onderling is niets bijzonders. In het Japans leger tellen dienstjaren zwaarder dan het aantal sterren op je schouder. Zo is het niet ongewoon dat een 4e-jaars soldaat der 2e klasse een 2e-jaars soldaat der 1e klasse geheel negeert.
Kaji wordt ingedeeld bij het Kwantungleger dat in Mantsjoerije gestationeerd. Ook in het leger probeert Kaji humanist te blijven, maar dat valt hem zwaar. Hij wordt van humanist, groepsleider, scherpschutter, moordenaar en bandiet. Dit alles om te overleven.
Als de oorlog over is, wil hij zich niet overgeven aan de Russen, maar wil hij zijn vrijheid behouden. Hij start met de thuisreis naar zijn Michiko, een thuisreis die langs vele obstakels gaat. Door zijn moed en zijn onverschrokkenheid krijgt hij langzamerhand een steeds grotere groep achter zich aan. Uiteindelijk ziet hij echter geen andere mogelijkheid dan zich alsnog over te geven en in krijgsgevangenschap te gaan. Opnieuw wordt hij de verschrikkingen van het Japanse leger ingezogen, de Japanse (onder)officieren proberen het gezag weer terug te krijgen, iets wat hen door de Russen oogluikend wordt toegestaan). Na de dood van een van zijn vrienden lukt het hem om uit krijgsgevangenschap te ontsnappen en reist hij weer, dit maal alleen, richting Laohuling waar zijn vrouw woont.
Het boek geeft ons een inkijk in de Japanse oorlogsherinneringen. De stijl van Gomikawa is goed. Zijn zinnen zijn niet nodeloos ingewikkeld , maar kort en bondig. Een prachtig boek over een verschrikkelijke geschiedenis die ons Nederlanders lang onbekend is gebleven. Een lange zit is dit wel. Ik heb er ruim 45 uur overgedaan om het boek te lezen, maar het was zeer de moeite waard.
Messias
Eerder vond ik deze boeken geweldig, maar sinds de laatste leespoging in 2015 kan ik me er maar niet door heen worstelen.
Ook nu, in 2021 lukt het me maar niet om er ver in te komen.
Met Biggles in vijandelijk gebied
Weer eens lekker ouderwets genieten van een Biggles. Wel storend dat er bij de vertaling wat namen verwisseld zijn. Opvallend dat Biggles nu eens niet de hoofdtol speelt.
Twee jongens op een Engelse kostschool realiseren zich dat de Grote Oorlog aan hen voorbij gaat. Als dan de broer van een van hen vermist wordt, bedenken zij een plan. Ze lopen weg van de school, gaan naar een vliegbasis in Engeland en, met hulp van oude uniformen van de broer, weten zij twee vliegtuigen te ‘lenen’. Daarmee vliegen ze naar het front, waar zij uiteindelijk Biggles ontmoeten.
Na enige tijd zijn ze gedwongen om hem de waarheid te vertellen en de reden van hun komst.
Biggles ontfermt zich over de jongens en helpt hen met het opzetten van een ontsnappingsroute om neergeschoten piloten te kunnen redden.
Uiteindelijk lekt de leeftijd van de jongens uit en moet er iets bedacht worden.
Een van de betere Biggles boeken. De Biggles-boeken uit de WW1 periode zijn naar mijn inzien vele malen beter dan de overige.
Met de rug tegen de muur
10 mei 1940. De Nederlandse vliegvelden worden aangevallen door Duitse vliegtuigen. Piloten haasten zich naar hun toestellen om maar zo snel mogelijk in de lucht te zijn. In het begin kunnen zij veel tegenstand bieden tegen de Duitse overmacht, maar al gauw moet er terug gegrepen worden op ouderwetse machines.
Een van de vliegers krijgt een bijzondere opdracht mee; na een patrouille dient hij zich te melden bij de Engelse R.A.F., een opdracht die hij met tegenzin uitvoert, want is dit niet vluchtten? Het blijkt dat de Nederlandse commandant het goed gezien heeft, want vrij spoedig valt de Nederlandse verdediging.
Typisch voor Norel heel zwart wit geschreven. De geallieerden zijn zonder uitzondering allemaal goed terwijl de Duitsers allemaal slecht zijn. Ook merk je duidelijk de Christelijke achtergrond van Norel in zijn boeken. Niet dat dat heel erg is, als kind heb ik deze boeken vaak gelezen en er van genoten.
Met gestolen geld naar Gibraltar
Het vervolg op de avonturen met o.a. Vandam en CostaPalaces.
De jongens hebben het geld dat door Ruurd Vandam was gestolen van een goedgelovige vrouw terug gevonden. Van dat geld mogen ze hun vindersloon afhouden, maar de opdracht is pas klaar als het geld terug is in Nederland. Maar hoe doe je dat als het bij elkaar ruim een kwart miljoen is. Zomaar op de bank stortten zal leiden tot allerlei vervelende vragen, en het meenemen in de auto naar Nederland is riskant, om maar niet te spreken over vliegen.
Ze komen op het idee om het van Marbella naar Gibraltar te vervoeren, maar ook dan moet het geld over een grens. Als de jongens het proberen om het geld over te brengen, merken ze dat zij steeds verder van Gibraltar af komen. Dat heeft onder andere te maken met een man die er uit ziet als Popeye, en andere problemen.
Gelukkig krijgen ze de hulp van een man met de naam Hemingway, Marjorie en Morty, kunstenaars die tegen hun zin in betrokken zijn geraakt bij CostaPalaces.
Wederom een geweldig verhaal van Peter de Zwaan, waarbij het me wel opvalt dat er steeds minder bloedneuzen geslagen worden. Waarom gebruiken de jongens de methode niet die eerder al in de Valse dollar-trilogie is gebruikt, namelijk het smokkelen van geld in miniatuur spoortreinen, en dan vooral in gesloten boxwagens.
« eerste ‹ vorige 1 144 234 242 243 244 245 246 254 333 Volgende › Laatste »